De traumaband: waarom we in een relatie met partnergeweld blijven en er zelfs naar terugkeren
- Eva Verween
- 30 okt 2023
- 13 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 3 jun
Wat houdt ons vast en trekt ons terug? En vooral... hoe kun je ontsnappen uit een gewelddadige relatie en weerstaan aan de drang om terug te keren naar die partner?

"Maar ik ga altijd terug!"
"Hij behandelt me als vuilnis, en toch ben ik niet in staat om hem voorgoed te verlaten."
Wie deze zinnen ooit zelf in zijn hoofd heeft gehoord — of hardop tegen iemand heeft gezegd — kent het scherpste deel van leven in een gewelddadige relatie.
Niet alleen het geweld zelf. Maar het schaamtevolle besef dat je zou moeten weggaan en niet kunt.
Of dat je weggegaan bent en jezelf weer voor het hek van die voordeur ziet staan.
Vrienden en familie hebben opgegeven om op je in te praten.
Soms is er een zus die niet meer met je belt.
Iemand denkt of zegt: "Dan krijg je maar je verdiende loon — het is jouw keuze."
En jij weet niet eens waarom je niet kunt vertrekken.
Of waarom je terugkeert. Het lijkt onverklaarbaar — voor de buitenwereld én voor jezelf.
Dit artikel is voor wie zich daarin herkent. En voor wie iemand kent die zich daarin herkent. Het is geen aanklacht. Het is een uitleg.
Wat zich afspeelt is geen karakterzwakte, geen "slappe wil", geen vorm van "het zelf willen". Wat zich afspeelt is een biologisch, neurologisch en relationeel patroon dat al decennia in de literatuur beschreven is, en dat onlangs eindelijk een naam heeft gekregen die het verdient: traumatic bonding, of in het Nederlands traumabinding.
Emma
Daar was ze, onmiskenbaar. Een nieuwe, al donkerder wordende kring rond haar oog, blauw en gezwollen.
"Wil je me daar iets over vertellen?" vroeg ik haar.
"Niet nu," zei ze.
Emma (fictieve naam) vertelde wel hoe ze "al duizend keer" definitief had willen vertrekken, maar het niet kon.
Hoe haar vriendinnen hadden opgegeven om in te praten omdat ze haar al jaren hadden gezegd dat ze hem moest verlaten.
Hoe haar zus helemaal niet meer met haar praatte.
Ze vonden het haar eigen schuld.
"Maar ik ga altijd terug!" zei ze, met wanhoop in haar stem.
"Hij behandelt mij als vuilnis, en ik blijk niet in staat om hem voorgoed te verlaten."
Ik wist dat wat ik ging zeggen verwarrend zou kunnen lijken, maar ik had het gevoel dat Emma zou weten wat ik bedoelde.
"Als je erin zit, zit je er middenin, en van daaruit kan het bijzonder moeilijk zijn om te weten waar je precies in zit."
Ze wist precies wat ik bedoelde.
Voor buitenstaanders kan het onbegrijpelijk lijken dat een slachtoffer bij de pleger blijft.
En dat een slachtoffer terugkeert, dat kan op nóg minder begrip rekenen.
Maar vaak is dat terugkeren even onbegrijpelijk voor de persoon zelf.
Het voelt alsof iets in haar — of hem — terug wordt gezogen, ongeacht wat het hoofd beslist.
Dat "iets" heeft een naam. En meerdere lagen.
Waarom blijven mensen — en waarom keren ze terug?
Het zenuwstelsel weet niet meer wat veilig is
Onder langdurige dwingende controle of geweld leert het zenuwstelsel om constant alert te zijn. Een geluid, een blik, een ander tempo in iemands ademhaling — alles wordt afgelezen. Dat heet hyperalertheid, en het is een overlevingsstrategie.
Wanneer dreiging niet wegzakt maar voortduurt, en vechten of vluchten geen optie is, schakelt het lichaam vaak naar twee andere reacties: freeze (bevriezen) en fawn (sussen, aanpassen, people-pleasen).
Beide zijn diep biologische reflexen, beschreven binnen de polyvagaaltheorie van Stephen Porges [1]. Het zijn geen keuzes. Het zijn manieren waarop een zoogdierlichaam probeert te overleven wanneer ontsnappen niet kan.
Het effect na maanden of jaren: het lichaam herkent de pleger als bekend — én daarmee, paradoxaal genoeg, als veiliger dan het onbekende.
Niet omdat de pleger feitelijk veilig is, maar omdat het zenuwstelsel gekalibreerd is op het signaalsysteem van die ene persoon.
Een nieuw, vreemd milieu — een vriendin, een opvang, een andere woning — voelt voor het lichaam onveiliger dan terug naar de bekende dreiging. Ook al weet je hoofd dat het andersom is.
Dit is een van de hardnekkigste mechanismen achter terugkeer.
Niet dom.
Niet zwak.
Biologie.
Intermitterende versterking — de wreedste vorm van conditionering
De Amerikaanse gedragspsycholoog B. F. Skinner ontdekte in zijn klassieke onderzoek dat inconsistente of intermitterende beloningen verslavender werken dan consistente [2].
Dieren die soms na een handeling beloond werden, en soms niet, gedroegen zich dwangmatiger dan dieren die altijd beloond werden. Het onvoorspelbare maakte het sterker.
Datzelfde principe verklaart waarom een fruitautomaat meer verslaving veroorzaakt dan een vaste uitbetaling.
Waarom gokken werkt.
Waarom drugsverslavingen zo hardnekkig zijn — niet ondanks de slechte ervaringen, maar mede dóór de onvoorspelbaarheid.
En precies datzelfde principe werkt in een gewelddadige relatie.
Iemand die altijd lief is, wordt vanzelfsprekend.
Iemand die altijd wreed is, wordt verlaten.
Maar iemand die meestal koud of gemeen is en daar tussendoor — onvoorspelbaar, schaars, kortstondig — opeens warm, attent, charmant, complimenteus is, creëert de meest hardnekkige binding die mensenpsychologie kent.
Niet door de wreedheid. Door de onvoorspelbaarheid van de warmte tussen de wreedheid door.
"Een beetje genegenheid hier, een complimentje daar. Soms een cadeau of een leuke verrassing. Of vriendelijke woorden in plaats van de scheldwoorden of klappen die we waren gaan verwachten."
Zelfs het ontbreken van wreedheid gaat na een tijdje voelen als vriendelijkheid. Dat is hoe diep het ijkpunt verschuift.
Traumabinding — wat het is, en waarom het anders is dan "houden van"
In 1981 beschreven de Canadese psychologen Donald Dutton en Susan Painter wat zij traumatic bonding noemden: de paradoxale emotionele binding die ontstaat tussen iemand die misbruikt wordt en de pleger, juist door de cycli van misbruik en sporadische warmte [3].
Hun werk legde de fundering voor het concept dat Patrick Carnes later in The Betrayal Bond (1997) verder uitwerkte: de hechtingsband wordt niet zwakker door geweld — ze wordt onder bepaalde omstandigheden sterker [4].
De voorwaarden waaronder traumabinding ontstaat:
Een machtsongelijkheid tussen pleger en slachtoffer
Periodes van straf, vernedering of geweld
Periodes van intermitterende, schaarse warmte
Sociale isolatie van het slachtoffer
De geleidelijke vorming van de pleger als belangrijkste of enige bron van zowel pijn als troost
Wanneer die voorwaarden samenvallen, ontstaat een binding die intenser kan voelen dan welke gezonde liefde dan ook. Niet ondanks het misbruik. Mede dóór het misbruik. Het is dezelfde dynamiek die Evan Stark in Coercive Control beschrijft als entrapment: gevangen worden in een wereld die door de pleger wordt vormgegeven, waarin de pleger zowel de bedreiging is als de enige plek waar nog troost kan worden gehaald [5].
Wat dit belangrijk maakt om te benoemen: wat je voor je pleger voelt, is geen liefde. Het is binding. Die twee voelen vanbinnen vaak hetzelfde, maar ze zijn iets fundamenteel verschillend. Liefde groeit in veiligheid en wederkerigheid. Binding ontstaat in dreiging en onvoorspelbaarheid. Het verschil zien is een van de moeilijkste — en bevrijdendste — dingen die een slachtoffer ooit kan doen.
(Voor wie het concept nog verder wil verkennen, schreef ik Eva's werkboek "Breek de traumaband".)
De dopamine-paradox
Onze hersenen werken met een beloningssysteem dat draait op onder andere dopamine — de stof die ons motiveert iets opnieuw te doen, omdat het ons iets opleverde. Drink als je dorst hebt. Eet als je honger hebt. Zoek nabijheid als je je eenzaam voelt. Dat systeem is heel oud en heel functioneel.
Maar dat systeem kan gekaapt worden door verslavende patronen, en dat is wat er gebeurt in een traumabinding. Het beloningssysteem in de hersenen behandelt de schaarse momenten van warmte als de meest waardevolle "fix" — en blokkeert tegelijk de pijnlijke herinneringen die in de weg zouden zitten van het opnieuw zoeken van die fix [6][7].
Het effect: terwijl je weg bent van de pleger, begint je geheugen anders te kleuren. De slechte momenten worden vager. De goede momenten worden vergroot. De charme die hij toonde toen er vrienden bij waren komt scherp terug. Het geweld zakt naar de achtergrond. Niet omdat je het wilt vergeten — omdat je brein onder verlangen letterlijk anders herinnert.
Emma zei het zelf zo: "Ik weet wat hij heeft gedaan. Ik kan het opsommen. Maar als ik aan hem denk, voel ik vooral de avond dat hij dat liedje voor me speelde."
Dat is geen rationele tegenspraak. Dat is dopamine die de werkelijkheid filtert.
Een paar bijkomende redenen die alles nog ingewikkelder maken
Bovenop het zenuwstelsel, de intermittente versterking, de traumabinding en de dopamine-paradox spelen vaak nog:
Geleerde lage eigenwaarde — niet als karaktertrek, maar als gevolg van jaren ondermijning. "Wie zou jou nog willen?" werkt op den duur. Wie het al van vroeger meekreeg (door opgroeien in geweld of emotionele verwaarlozing) heeft een hogere tolerantie voor latere mishandeling. Dat is geen zwakte. Dat is conditionering.
De overtuiging dat het jouw schuld is — vaak omdat je dat letterlijk te horen krijgt: "Jij hebt me dit laten doen", "Kijk wat jij me liet doen". Wie dat lang genoeg hoort, gaat het geloven.
Financiële afhankelijkheid — geen geld om weg te kunnen, of afhankelijkheid van de pleger voor het basisinkomen, een woning, een verblijfsvergunning
De kinderen — schuldgevoel om het gezin "kapot te maken", angst voor wat de pleger met of via de kinderen zal doen, voortgezet geweld na de scheiding wanneer er gedeeld ouderschap is
Reële angst voor escalatie — onderzoek toont consistent dat het verlaten of proberen verlaten van een gewelddadige partner het moment is waarop het risico op ernstig geweld of femicide piekt. Dat is geen overdrijving. Dat is statistiek.
De combinatie van angst en hoop verward met liefde — de intensiteit van de emoties wordt verkeerd benoemd. "Niemand kan me ooit zo doen voelen als hij" — dat klopt. Maar het is geen liefde. Het is hyperarousal.
Een traumaband is geen zwakte. Dit is hoe een mensenbrein werkt in deze omstandigheden.
Het is belangrijk om dit hardop te zeggen.
Wat hierboven staat, is geen lijst persoonlijke gebreken.
Het is een beschrijving van wat een normaal, gezond mensenbrein doet wanneer het langdurig in een onveilige relatie wordt geplaatst met intermitterende warmte.
Het is een goed werkend zenuwstelsel dat reageert op een slechte situatie.
Wat dat betekent: als jij niet in staat bent geweest om te vertrekken, of bent teruggekeerd, of overweegt terug te keren — dan ben jij geen mislukking.
Je bent een mens dat onder extreme druk staat.
Vertrouwen op wilskracht alleen is dan onvoldoende.
Vertrouwen op begrip van vrienden en familie ook.
Wat helpt, is begrijpen wat er gebeurt, en stap voor stap werken aan de mechanismen achter het patroon — niet alleen aan het symptoom van "willen weggaan en niet kunnen".
Hoe ontsnap je?
Eerlijk: er is geen formule. Er is geen één-zin-antwoord. Wat ik wel kan delen, zijn de bouwstenen die ik in mijn praktijk consistent zie werken. Geen volgorde die voor iedereen klopt. Wel een richting.
Eerst: veiligheid
Niet-fysiek partnergeweld kan escaleren naar fysiek partnergeweld. En geweld stopt nooit uit zichzelf [5]. Daarom is bij elke begeleiding de eerste vraag: ben je veilig vandaag, en wat is er nodig om dat morgen ook nog te zijn?
Concrete elementen van veiligheidsplanning:
Een plek waar je naartoe kunt als het escaleert — een vriendin, een familielid, een opvangcentrum
Belangrijke documenten op een veilige tweede plek (identiteitsbewijs, bankgegevens, geboorteaktes van de kinderen)
Een fonds, hoe klein ook, dat alleen jij kent
Iemand die weet wat er thuis gebeurt, ook als je verder niemand inlicht
Een afspraak met jezelf over welk signaal je gebruikt om hulp in te roepen als je het zelf niet meer kunt zeggen
Specifieke escalatie-markers waar je extra alert op moet zijn: niet-fatale verwurging (handen rond de hals, knijpen, ademnood — ook al was het "in de heat of the moment" of "speels") is een van de sterkste voorspellers van later fataal geweld door dezelfde partner [8].
Dreigen met vuurwapens, geweld tijdens zwangerschap, en escalatie rond een scheidingsmoment zijn andere markers. Wie het meemaakt of overweegt te vertrekken, hoort dat te weten.
Voor stap-voor-stap routes naar veiligheid: Hulp bij partnergeweld en dwingende controle.
Het geheugen niet langer alleen door de roze bril laten kleuren
Tijdens de periode dat het dopamine-systeem het sterkst aan het werk is — vaak vlak na een scheiding of na een hoopvol moment — is het hoofd niet in staat de pijnlijke herinneringen even helder op te roepen als de mooie.
Dat is geen wilszwakte. Dat is biologie.
Wat helpt, is werken aan het in evenwicht brengen van die herinneringen.
Niet door de pijnlijke kant op te zoeken om jezelf te kastijden.
Wel door bewust beide kanten naast elkaar te leren zien, totdat het brein niet meer eenzijdig kan kleuren.
Een eenvoudige oefening die ik in mijn werk vaak gebruik en die je ook zelf kunt proberen:
Sluit je ogen. Roep een moment op waar je je vroeger gelukkig voelde bij je (ex-)partner. Voel hoe dat in je lichaam zit. Doe je ogen open, adem rustig. Sluit je ogen opnieuw. Roep nu een moment op waarop je bang was, vernederd werd, of pijn had door diezelfde persoon. Voel hoe dát in je lichaam zit. Doe je ogen open. Wissel een paar keer af. Niet om jezelf pijn te doen. Wel om de eenzijdigheid te doorbreken.
Wat hier gebeurt is wat in geheugenherwerking koppelen heet — twee herinneringen die normaal gescheiden zijn, kun je verbinden zodat de ene niet meer zonder de andere oproepbaar is.
Verschillende therapeutische benaderingen werken hiermee (cognitieve technieken, EMDR-aanpalend werk, hypnotherapie).
In mijn praktijk integreer ik dit onder andere via hypnotherapie en trauma-bewerking. Het is geen wondermiddel, wel een manier om de dopamine-bril minder absoluut te laten domineren.
Het is dezelfde reden waarom een dagboek bijhouden een van de krachtigste interventies blijft. Niet om "bewijs te verzamelen" tegen de pleger. Wel om je eigen waarneming te beschermen tegen de eenzijdige herkleuring die later komt. Een dagboek is je toekomstige zelf die jezelf van vandaag geloof schenkt.
Eigenwaarde opnieuw opbouwen — niet om hem te kunnen verlaten, maar om jezelf weer te kunnen leven
Klein gemaakt worden door beledigingen en bedreigingen. Lijden onder objectivering. Gecontroleerd, ondervraagd en in de gaten gehouden worden bij alles wat je zegt en doet en waar je heen gaat — dat scheurt grote stukken van je gevoel van eigenwaarde, identiteit en zelfvertrouwen weg.
Eigenwaarde herstellen is dus niet "harder geloven in jezelf".
Het is terugwinnen wat is afgenomen: het vermogen om je eigen waarnemingen te vertrouwen, je eigen keuzes te durven maken, je eigen tempo te bepalen, en grenzen te stellen — niet als wapen, maar als bescherming van wie je bent.
Dat werk is geen quick fix. Het vraagt tijd, vaak een combinatie van psycho-educatie (begrijpen wat je is overkomen), traumaverwerking (de impact in het lichaam ontladen) en het opnieuw in contact komen met wat je leuk vond, wat je waarden zijn, wie je was voor deze relatie begon — of wie je had kunnen zijn als ze niet was begonnen.
Voor specifieke routes: Herstellen van partnergeweld.
Het oude opnieuw onderzoeken
Voor wie merkt dat het patroon van leven met een onveilige partner zich herhaalt — een tweede, een derde keer — is er vaak werk te doen aan de wortels. Niet om jezelf de schuld te geven. Wel omdat het zenuwstelsel kalibreert op wat het kent.
Wie opgroeide in een gezin waar geweld of emotionele verwaarlozing het normaal was, kan onbewust gewend zijn aan de onvoorspelbaarheid, de spanning en de paradoxale binding die later in volwassen relaties opnieuw opduikt.
Dat is geen lot. Dat is een patroon dat — met de juiste begeleiding — herijkt kan worden.
Emma — een paar maanden later
Emma diende klacht in. Ze logeerde bij een vriendin met haar kinderen. We werkten aan het in evenwicht brengen van haar herinneringen, aan haar zenuwstelsel, aan haar eigenwaarde en haar grenzen.
Niet alles ging in een rechte lijn. Er waren momenten waarop ze weer "medelijden" begon te krijgen met hem — "Diep vanbinnen is hij geen slechte man, en we hebben toch ook mooie momenten gehad. Kan ik die klacht niet intrekken?" — en momenten waarop ze terugviel in "Misschien als ik gewoon nog meer mijn best doe..."
Maar de roze bril werd minder absoluut.
De pijn werd niet meer uit haar herinneringen geknipt.
Haar eigenwaarde groeide terug.
Haar zenuwstelsel kalmeerde.
Ze ging weer haar vriendinnen zien.
Ze liep rechter.
Ze lachte meer.
Een paar maanden later was ze definitief weg.
Niet omdat ik haar overtuigd had. Omdat ze haar eigen waarneming weer geloofde.
Later vond ze iemand die haar wel goed behandelde.
En, ze merkte het zelf op, het voelde aanvankelijk minder intens dan de relatie die ze had verlaten. Niet die hoge pieken, geen diepe dalen. Even raakte ze daardoor in de war: "Is dit liefde, of is het saai?"
Ze leerde het verschil zien.
Wat zij ervoer was geen "saaiheid". Het was veiligheid. Een zenuwstelsel dat eindelijk niet meer in alarmstand stond. En in die veiligheid begon iets te groeien dat ze tot dan toe niet kende: rust, vertrouwen, oprechte verbinding.
En daar doen we het voor.
Tot slot
Aan iedereen die dit leest en het herkent: je bent geen slappeling. Je bent geen mislukking. Je bent geen "geval".
Wat je meemaakt heeft een naam, een mechanisme en een uitweg — ook al lijkt die uitweg nu onbereikbaar of onvoorstelbaar.
Het werk om eruit te komen is reëel, het kost tijd, en het lukt zelden in één rechte lijn.
Maar het kan.
Niet omdat jij sterker moet zijn dan een mensenbrein, maar omdat een mensenbrein, met de juiste hulp en de juiste omstandigheden, opnieuw kan leren wat veiligheid is.
En je verdient om dat te weten. Net als je kinderen.
Voor jou — als je dit in je eigen leven herkent
Afhankelijk van waar je nu staat is er gerichte ondersteuning:
Zit je er nog middenin? → Hulp bij partnergeweld en dwingende controle
Wil je weggaan of ben je net weg, en stopt de controle niet? → Dwingende controle na de scheiding
Ben je eruit en wil je herstellen? → Herstellen van partnergeweld
Herken je het als narcistisch misbruik of psychisch geweld? → Psychisch geweld en narcistisch misbruik
Komt het patroon uit je gezin van herkomst? → Opgegroeid in geweld
Wil je het patroon eerst herkennen voor je verder gaat? Lees 15 tekenen van coercive control.
Zelf aan de slag, op je eigen tempo
Snap je nu waarom die band zo sterk is, maar voel je hem nog steeds? Dan is dit werkboek voor jou geschreven:
Eva's "Breek de Traumaband" Werkboek — concrete, onderbouwde stappen om de traumaband te begrijpen en stukje bij beetje los te maken, op je eigen tempo.
Een werkboek vervangt geen hulp bij acuut gevaar — voor je veiligheid blijven officiële hulplijnen en begeleiding je eerste stap.
Niet zeker waar je terecht hoort? Boek een gratis kennismakingsgesprek van 20 minuten — telefonisch of via Zoom. Geen verbintenis, geen kosten, geen verwachting. In 20 minuten kijken we kort wat speelt en welke richting bij jouw situatie past.
Met warmte,
Eva
Bronnen en verder lezen
[1] Porges, S. W. (2011). The Polyvagal Theory: Neurophysiological Foundations of Emotions, Attachment, Communication, and Self-Regulation. W. W. Norton. Wetenschappelijke onderbouwing van de freeze- en fawn-responsen bij chronische dreiging.
[2] Ferster, C. B., & Skinner, B. F. (1957). Schedules of Reinforcement. Appleton-Century-Crofts. Klassiek werk over hoe intermitterende beloningen sterker conditioneren dan consistente.
[3] Dutton, D. G., & Painter, S. L. (1981). Traumatic Bonding: The development of emotional attachments in battered women and other relationships of intermittent abuse. Victimology: An International Journal, 6(1-4), 139-155. Het paper dat de term traumatic bonding introduceerde.
[4] Carnes, P. (1997). The Betrayal Bond: Breaking Free of Exploitive Relationships. HCI. Klinische uitwerking van traumabinding en routes naar herstel.
[5] Stark, E. (2007). Coercive Control: How Men Entrap Women in Personal Life. Oxford University Press. Voor het kader rond entrapment en de niet-fysieke dimensies van partnergeweld.
[6] Berridge, K. C., & Robinson, T. E. (2016). Liking, wanting, and the incentive-sensitization theory of addiction. American Psychologist, 71(8), 670-679. Hoe het dopamine-systeem het willen aandrijft en herinneringen kleurt.
[7] Burkett, J. P., & Young, L. J. (2012). The behavioral, anatomical and pharmacological parallels between social attachment, love and addiction. Psychopharmacology, 224(1), 1-26. Neurochemische overlap tussen hechting, liefde en verslaving — relevant voor traumabinding.
[8] Glass, N., Laughon, K., Campbell, J., Block, C. R., Hanson, G., Sharps, P. W., & Taliaferro, E. (2008). Non-fatal strangulation is an important risk factor for homicide of women. Journal of Emergency Medicine, 35(3), 329-335. Onderbouwing van niet-fatale verwurging als femicide-voorspeller.
[9] Herman, J. L. (1992/2015). Trauma and Recovery: The Aftermath of Violence — From Domestic Abuse to Political Terror. Basic Books. Het standaardwerk over trauma, herstel en de noodzaak om macht en handelingsruimte terug te winnen.
